nov
16
2022

Blended leertrajecten: een blijver?

Sociaal-cultureel werken, Werken met groepen

Blog

We gingen massaal online. Omdat corona ons dwong. We probeerden en leerden. Over hoe we online toch interessante leertrajecten konden uitzetten. Over wat wel en niet werkt. Over condities die je als begeleider moet scheppen om het succesvol te maken.

Nu we elkaar terug live kunnen ontmoeten, valt de noodzaak weg en dreigen leertrajecten weer in hun oude plooi te vallen. Tenzij we ons als organisatie én als werker bewust worden en blijven van de positieve mogelijkheden die online ons kan bieden. Tenzij we blijven verder leren en proberen om digitale mogelijkheden te integreren in hoe we leertrajecten uitbouwen.

Socius ging de voorbije jaren aan de slag om de groeiende kennis te inventariseren en te systematiseren. En om werkers te ondersteunen bij het ontwikkelen van wat we ondertussen ‘blended leertrajecten’ noemen: leertrajecten waarbij we een werkzame en interessante balans zoeken tussen offline en online. En we stellen vast: het is bezig. Vier werkers vertellen waar ze aan werken en wat we daaruit kunnen leren.

Inbouwen in je beleid

Het helpt als de beslissing om blended leertrajecten uit te bouwen niet enkel rust op de schouders van de individuele werker. De organisatie kan bewust een beleid uitbouwen waarbij online en blended leren een systematisch onderdeel wordt van het aanbod.

Pieterjan Vinck en David Degraeve vertellen enthousiast over hoe Vorming & Actie (V&A) ervoor kiest om enkele van hun bestaande vormingscursussen voor militanten te transformeren naar blended leertrajecten. Personeel krijgt de opdracht én de tijd om digitale inhoud te ontwikkelen en cursusmateriaal uit te bouwen in een online leeromgeving (Moodle).

Een testcasus is een cursus waarin al meer ervaren militanten worden voorbereid op de komende sociale verkiezingen in hun onderneming: vroeger kwamen ze vijf dagen fysiek samen op één plek, nu twee dagen offline en dan gaan ze gedurende een aantal weken regelmatig aan de slag met leerinhoud online, met een werkvolume van drie dagen, meestal asynchroon (mensen kiezen zelf hun tijdstip). “Dag 1 doen we bewust offline”, zegt Pieterjan. “We zetten in op kennismaking en bevordering van het groepsgevoel, iets wat nog altijd beter face-to-face gebeurt. Het geeft ons bovendien de gelegenheid om de deelnemers in te leiden in het online leerplatform. Dat verlaagt nadien de drempel.” Vervolgens krijgen de deelnemers verspreid over een aantal weken een gestructureerd leertraject in verschillende hoofdstukken over de vele aspecten van sociale verkiezingen: geschiedenis, wetgeving, de organisatie van de stemming … De opbouw is telkens dezelfde: de inhoud in een notendop, een interactieve video, tekstmateriaal en oefeningen. Als een cursist een hoofdstuk of oefening heeft afgewerkt, kan hij dat aanvinken. “Moodle geeft ons die mogelijkheid en dat is belangrijk voor ons: de deelnemers volgen deze vorming onder de regeling van het Vlaams Opleidingsverlof (VOV) en dat houdt in dat we moeten kunnen aantonen dat ze bepaalde competenties verworven hebben. Zo kunnen we hun voortgang monitoren én aantonen”, legt Pieterjan uit. Belangrijk bij de uitbouw van dat blended leertraject is dat de deelnemers voldoende structuur én impulsen krijgen om voortgang te blijven maken. Pieterjan: “Daarom zullen we op een vast ritme telkens een volgend hoofdstuk vrijgeven én deelnemers regelmatig appeleren via een goed gemodereerd forum en kleine intervisiemomenten over hoe ze bezig zijn met het leerproces.” De vijfde dag is terug offline, want centraal staat een simulatiespel waarin deelnemers een ‘echte’ sociale verkiezing meemaken, met alles wat daarbij komt kijken. Bovendien is er die dag ook ruimte om te evalueren. V&A wil van de deelnemers immers echt leren of dit werkt en wat er beter kan. En wil samen met hen nagaan of nog andere thema’s in aanmerking komen voor een dergelijke aanpak.

Ook David werkt aan een dergelijke testcasus, dit keer bedoeld voor nieuwe militanten. In Eerste Hulp Bij Overleg (EHBO), een vierdaagse cursus, legt hij het grootste gewicht bij offline werken. Dagen 1, 3 en 4 zijn vrij klassiek opgebouwd. Maar dag 2 verloopt helemaal offline én synchroon: iedereen werkt op hetzelfde moment aan hetzelfde, en er is online uitwisseling, overleg en coaching mogelijk. Deelnemers starten samen online op, krijgen filmpjes en inhoud te verwerken, doen oefeningen, wisselen uit met elkaar, starten een eigen projectje op en sluiten gezamenlijk online af. Ook hier wordt gewerkt met Moodle: één platform voor alle online vorming zodat het zowel voor medewerkers als voor deelnemers een vertrouwde omgeving kan worden.

Digitale leerkansen zien

Charlotte De Spiegeleer van Vief vzw ziet het kleiner. Met de doelgroep ouderen organiseert ze digitale wandelingen: mensen gaan in groep gezellig op stap en krijgen onderweg allerlei kleine uitdagingen waarvoor ze de apps op hun smartphone kunnen gebruiken: ‘Wandel met behulp van Google Maps naar het Laplaceplein.’, ‘Zoek met Google Lens op wat er te vertellen valt over het standbeeld op dat plein.’, ‘Gebruik de app van DeLijn om uit te vinden hoe je met de bus van hier naar het Goddartpark geraakt.’ Spelenderwijs krijgen ze dus digitale leerkansen waardoor ze meer vertrouwd raken met allerlei toepassingen én ze ook meer vertrouwen krijgen om ze echt te gebruiken. “Het probleem is dat we veel tijd verliezen bij het begin van de wandeling omdat niet iedereen alle apps al heeft geïnstalleerd”, legt Charlotte uit. “Daaruit ontstond het idee om een serie kleine tutorials te maken: we sturen een week vooraf een link door per mail met de opdracht om hun smartphone alvast klaar te zetten.” Per app krijgen ze één korte tutorial. Want niet iedereen heeft een laptop om langere filmpjes te bekijken met de smartphone in de hand. “Ik vind het wel nog een hele uitdaging om aansprekende tutorials te maken: screencasts met een goed tempo en een heldere uitleg. Goed nadenken vooraf helpt om sterke scenario’s te maken. Daarna moet ik de opnames op een leuke manier monteren: dat is zowel technisch als inhoudelijk niet evident!”, besluit Charlotte.

Competenties én techniek in huis halen

Medewerker zit in een opnamestudio en neemt een screencast op.

Om van blended leertrajecten een blijver te maken, zetten organisaties ook best in op het creëren van de juiste condities. Dat betekent inzetten op competente medewerkers die een doordachte visie op blended leren weten te verbinden met de technische vaardigheden die nodig zijn om digitale leeromgevingen te creëren. Die competenties kunnen verenigd zijn in één persoon, maar vaker gaat het om het complementair inzetten van verschillende mensen. Zo verzucht ook Roland Kums van Samenhuizen, die werkt aan een reeks van tien dagdelen bedoeld voor mensen die van plan zijn om een woongemeenschap te stichten. “Ik heb een goed idee over de opbouw van het leertraject en we hebben de voorbije jaren in onze ‘academie’ veel ervaring en knowhow opgebouwd die voedend zijn voor de hele lessenreeks. Maar ik heb soms het gevoel dat ik voor ons plan ook een ‘filmregisseur’ zou moeten zijn. Degelijke filmpjes maken met interviews en heldere uiteenzettingen die een paar jaar kunnen meegaan, is op zich een stiel”, verklaart hij. Maar dat belet niet dat er een sterk plan op tafel ligt: samen offline starten met een groep om echt goed kennis te kunnen maken, dan ondersteund door een digitale leeromgeving thema per thema zelfstandig doorwerken – maar wel met regelmatige impuls om de volgende stap te zetten. Roland: “We zijn van plan om toch de regie gedurende het hele leerproces in de hand te houden, met regelmatig korte online intervisies. Vandaar dat die eerste kennismakingsdag live zo belangrijk is.” Halverwege de cursus gaat de groep op bezoek bij een bestaande woongemeenschap, om de behandelde thema’s concreet te maken en om de tweede helft van de cursus ook terug te kunnen vallen op een levendige ervaring.

Acht tips om blended leren te verankeren in de organisatie

  1. Kies als organisatie bewust hoe en waar je blended of online leren wil inzetten. Haal de verantwoordelijkheid van de schouders van de individuele werker.
  2. Geef medewerkers de kans om expertise te verwerven: door vorming, ondersteuning of experiment.
  3. Maak van blended leren een teamverhaal: laat medewerkers complementair hun competenties inzetten.
  4. Kies voor een weloverwogen mix van digitale tools en platformen die bij je organisatie én bij de mogelijkheden van je doelgroepen past.
  5. Zorg voor de juiste technische omgevingen: camera’s, micro’s, schermen, opnameruimte …
  6. Wees duidelijk in je communicatie: laat deelnemers weten wat ze kunnen verwachten, wat je van hen verwacht, welke apps en apparaten nodig zijn …
  7. Denk na over je privacybeleid: wat doe je met opnames, chats, bijdragen van deelnemers?
  8. Kies voor een samenhangend prijsbeleid: betalend of niet, achteraf open toegankelijk of niet, zelfde prijs als offline of niet?

Deze blog is gebaseerd op de ervaringen en plannen van vier deelnemers aan de vorming Vormgeven aan blended leren, in het najaar van 2022. Ook in het voorjaar van 2023 staat de vorming op het programma.


Gie Van den Eeckhaut

Gie Van den Eeckhaut

Scroll naar top