nov
8
2020

Farida Zaouad, Nadia Babazia, Stefaan Gunst, Rosalie Hees en Jamal Belmahi

Nieuws

De basisuitrusting van sociaal-cultureel werkers voor een wereld in verandering

Sociaal-cultureel werkers zijn ‘omni’’, multi’ en ‘flexi’: van veel markten thuis en breed inzetbaar. Hun werkveld is de samenleving, hun grondstof zijn mensen, hun doel: samen met anderen bijdragen aan een democratische, solidaire, inclusieve en duurzame toekomst voor ons allemaal. Om dit brede functieprofiel waar te maken, zetten ze specifieke kerncompetenties in. Die maken de sociaal-cultureel werkers tot wat ze zijn: changemakers van micro- tot macroniveau in een context vol uitdagingen.

Veranderingsprocessen democratisch faciliteren

Farida Zaouad is stagiaire sociaal-cultureel werk bij het Netwerk Tegen Armoede waar ze ook covoorzitter is. Haar persoonlijke ervaring bij één van de verenigingen waar armen het woord nemen dreef haar opnieuw naar de schoolbanken. In de vereniging groeide ze van deelnemer tot actieve vrijwilliger en later bestuurslid. Ze ervaarde aan den lijve de kracht van groepen en gemeenschappen om tot gedragen verandering te komen. Ze leerde er dat het veranderingspotentieel van een vereniging schuilt in het opbouwen van relaties. Mensen laten je in hun leefwereld toe om met hen een relatie aan te gaan. Als je daar geen ruimte voor maakt, dan wordt het potentieel om mensen te versterken niet ten volle benut.

“Ruimte laten voor wat er speelde in die groep, betekende mijn eigen doelen loslaten. Ik ben daarin gegroeid, ik leerde situaties inschatten en ongeplande wegen verkennen. Je gaat tenslotte voor het grotere geheel waarin mensen, groepen en de buurt een stap vooruit kunnen zetten.”

Met een groep van ouders gekoppeld aan de huiswerkbegeleiding werkte Farida aan ouderbetrokkenheid. Farida had al snel door dat die ouders meer dan enkel hun zorg voor de schoolloopbaan van hun kinderen deelden. Ze hadden het ook vaak en uitgebreid over hun onrust en onveiligheidsgevoel in de buurt. Op zoek naar een veiligere buurt klopten Farida en de ouders aan bij de straathoekwerker, de schepen en de burgemeester. Samen smeedden ze concrete plannen om de speelpleinwerking te stimuleren en meer mogelijkheden te bieden. Ze zochten samenwerking met een jeugdorganisatie en maakten afspraken met de politie over zinvolle patrouilles. Farida benadrukt hoe de groep zelf dit traject aanstuurde. Hun bezorgdheid rond de buurt had niet direct te maken met huiswerk of hun rol op school, maar toont wel hun ouderbetrokkenheid op dit topic. “Ruimte laten voor wat er speelde in die groep, betekende mijn eigen doelen loslaten. Ik ben daarin gegroeid, ik leerde situaties inschatten en ongeplande wegen verkennen. Je gaat tenslotte voor het grotere geheel waarin mensen, groepen en de buurt een stap vooruit kunnen zetten.”

Om die stap vooruit te zetten moeten sociaal-cultureel werkers voor Farida directe en zichtbare resultaten durven loslaten. Door het volle gewicht te geven aan de inbreng van betrokkenen geven sociaal-cultureel werkers voorrang aan democratische veranderingen.De directeresultaten waarmee ze zelf initieel van start zijn gegaan, moeten daarvoor wijken. Farida geeft ook het voorbeeld van een sociale kruidenier. Zo’n initiatief komt pas tot zijn volle potentieel door de mensen die er winkelen ook mee te laten beslissen over de producten die er in de rekken liggen. “Zij kopen die. Betrek hen bij alle stappen van deze herverdeling: laat hen adviseren in een raad, maar ook mee verkopen. Zij moeten aanwezig en zichtbaar zijn. Zo kunnen ze ook werkervaring opdoen, of hun kooktalent tonen in een workshop met producten uit hùn winkel.”

Sociaal-culturele contexten lezen en verbeelden

Toen Nadia Babazia 10 jaar geleden solliciteerde voor het project ‘managers van diversiteit’ bij het Red Star Line Museum, was het museum nog niet ingericht. Nadia vond het gebouw op het – toen nog bouwvallige – eilandje zelfs niet. Het werkveld en de toekomst lagen nog open, maar van bij de start zette het museum in op de kracht van migratieverhalen als bindmiddel voor een superdiverse gemeenschap. Dat vormde van bij de aanvang een belangrijke drive voor het uitwerken van de publiekswerking van het museum. Samen met collega’s en in haar functie als publiekswerker vooral ook samen met een heel divers publiek, droeg Nadia bij aan de ontwikkeling van een hedendaags perspectief op migratie in Antwerpen en daarbuiten.

Daartoe zocht en zoekt Nadia inspiratie in de vele verhalen van Antwerpenaren met een recente migratieachtergrond. Niet vanop haar bureau, maar op publieke plaatsen waar veel verschillende mensen komen. Bij het zoeken naar verhalen ontbreekt het Nadia niet aan verbeeldingskracht. Zo trok ze in de begindagen rond met haar ‘verhalenbusje’ om mensen en hun verhalen letterlijk op te pikken. Ondertussen spelen het museum en de verhalen van migranten die komen en gaan een prominente rol in de stad. En op de achtergrond nemen nieuwe, jonge talenten van cultureel diverse afkomst meer en meer maatschappelijke sleutelposities in. Vandaag zijn steeds meer opiniemakers, gemeenschapsvormers, kunstenaars, sociaal ondernemers en anderen met een migratieachtergrond actief in de publieke sfeer. Hun betrokkenheid bij het museum is cruciaal bij het realiseren van de doelen en toekomstbeeld van het museum.

“We leven en werken in een context van polarisering. Het is niet altijd even gemakkelijk om zonder al te veel belemmeringen een museum uit te bouwen dat ook plaats geeft aan actuele migratieverhalen. Mijn collega’s en ikzelf een bredere context mee en brengen zo meer nuance in het debat.”

Nadia is er zich heel goed van bewust dat ze met haar migratieverhalen aan de slag gaat in een actuele maatschappelijke context die niet altijd evident is. “We leven en werken in een context van polarisering. Het is niet altijd even gemakkelijk om zonder al te veel belemmeringen een museum uit te bouwen dat ook plaats geeft aan actuele migratieverhalen. Mijn collega’s en ikzelf een bredere context mee en brengen zo meer nuance in het debat.” Tegen die maatschappelijke context bouwen de individuele hedendaagse verhalen die Nadia verzamelt en de diverse samenwerkingen die ze hiervoor aangaat het museum uit tot een betekenisvolle plek voor mensen met en zonder een migratieachtergrond. Vanuit genuanceerde verhalen wint het museum aan vertrouwen als een plek waar ze betekenis, inspiratie en troost kunnen vinden. Een plek waar Antwerpenaren van diverse pluimage even kunnen thuiskomen en hun eigen verhaal kunnen situeren in relatie tot vele andere verhalen én tot wetenschappelijke kennis over migratie.

Werken met groepen en gemeenschappen

Stefaan Gunst is sociaal-cultureel werker, adjunct-algemeendirecteur en hoofd van de gemeenschapscentra bij vzw ‘de Rand’. Dit agentschap van de Vlaamse Gemeenschap en de provincie Vlaams-Brabant telt zeven gemeenschapscentra, waarvan zes in faciliteitengemeenten. Vzw ‘de Rand’ doet aan taalpromotie in de regio, brengt relevant onderzoek over de regio samen, geeft gemeenschapsbladen en een krant uit, organiseert het Gordelfestival,… Een erg ruime werking die moet aansluiten op de eigenheid van de regio in de Vlaamse Rand rond Brussel en op de mensen, groepen en gemeenschappen die daar leven.

“Ik ben trots op de manier waarop we omgaan met een realiteit die niet altijd eenvoudig is. Je werkt vanuit een organisatie met een Nederlandstalige profilering in gemeentes waar soms meer dan de helft van de inwoners het Nederlands niet machtig is. En toch slagen we er in om mensen samen rond de tafel te krijgen, om een positieve dynamiek te stimuleren waarbij mensen echt naar elkaar toe komen en wederzijdse interesse krijgen in elkaar.”

De doelstellingen die door de overheid worden opgelegd, zijn nauw verbonden met de situatie in de Vlaamse Rand. Van oudsher wordt hier het traditionele Vlaamse middenveld meegetrokken in politieke en communautaire kwesties. Maar intussen kenmerkt die rand zich vooral door een steeds groeiende diversiteit. In deze context gaan Stefaan en zijn team op zoek naar een aanbod en projecten die beantwoorden aan de uiteenlopende behoeften van mensen, groepen en gemeenschappen in de Vlaamse Rand. In de gemeenschapscentra ontwikkelen ze praktijken waar het Nederlands als taal een verbindende rol krijgt. “Ik ben trots op de manier waarop we omgaan met een realiteit die niet altijd eenvoudig is. Je werkt vanuit een organisatie met een Nederlandstalige profilering in gemeentes waar soms meer dan de helft van de inwoners het Nederlands niet machtig is. En toch slagen we er in om mensen samen rond de tafel te krijgen, om een positieve dynamiek te stimuleren waarbij mensen echt naar elkaar toe komen en wederzijdse interesse krijgen in elkaar.”

Voor wie nieuw is in de lokale gemeenschap presenteert de Vlaamse Rand rond Brussel zich op het eerste zicht eerder als een gesloten gemeenschap. Stefaan beschrijft hoe de gemeenschapscentra met steeds bredere blik kijken en gemeenschapsvorming opentrekken naar initiatieven waaraan diverse mensen en nieuwkomers mee kunnen bouwen. Zo expliciteren en stimuleren Stefaan en zijn team een open gemeenschap die door vele diverse handen wordt gedragen. Naarmate ze zelf die spirit ook uitstralen, zien ze die meer en meer terugkomen ook bij andere nieuwe burgerinitiatieven in de Vlaamse Rand. Stefaan hoopt dat er vanuit het middenveld in de toekomst nog meer zal worden ingezet op de diversiteit van de gemeenschap en zo nog een sterkere generator wordt van gemeenschapsvormende praktijken.

Veranderingspotentieel versterken

Rosalie Heens is sociaal-cultureel werkster bij Netwerk Bewust Verbruiken. In Brussel ondersteunt ze de Repair Cafés en ze zet campagnes op over repareren in een wegwerpmaatschappij. Ze schippert tussen café en Europees beleid. Veel beleidsbeslissingen die een invloed hebben op de productie en consumptie van spullen worden zelfs op het Europese niveau genomen. Dat bestuursniveau lijkt vaak veraf voor de deelnemers en vrijwilligers in de Repair Cafés. Zij nemen deel om hun spullen weer te kunnen gebruiken, voor het sociale contact of omdat ze graag bezig zijn met hun handen. Bij het Netwerk Bewust Verbruiken kan Rosalie beleid en praktijk inzake hergebruik en repareren op elkaar afstemmen. Door die twee aspecten te verbinden, vergroot ze de daad- en draagkacht van repair vrijwilligers en ontwikkelen ze samen een maatschappelijk draagvlak voor meer duurzame productie en consumptie.

“Informatie verzamelen en netwerken is erg belangrijk om internationaal op het beleid te kunnen wegen. Gelukkig hebben we partners die daar sterk in zijn. Zij hebben een grotere studiedienst en ook meer middelen en mensen dan wij. De sterkte van Netwerk Bewust Verbruiken is het draagvlak dat we kunnen ontwikkelen. We hebben een breed netwerk van organisaties en een directe link met burgers die het belang van repareren in de praktijk omzetten.”

Waar andere Europese partners misschien beter uitgerust zijn voor studiewerk en beleidsbeïnvloeding ziet Rosalie vooral de sterkte van de sociaal-culturele praktijken van het Netwerk Bewust Verbruiken.

“Informatie verzamelen en netwerken is erg belangrijk om internationaal op het beleid te kunnen wegen. Gelukkig hebben we partners die daar sterk in zijn. Zij hebben een grotere studiedienst en ook meer middelen en mensen dan wij. De sterkte van Netwerk Bewust Verbruiken is het draagvlak dat we kunnen ontwikkelen. We hebben een breed netwerk van organisaties en een directe link met burgers die het belang van repareren in de praktijk omzetten.”  

Van november 2018 tot mei 2019 organiseerde het Netwerk Bewust Verbruiken een groot Repareeronderzoek waarin ze ook individuele reparateurs bevroegen. Het onderzoek zorgde voor publieke zichtbaarheid van de mogelijkheden en de voordelen van repareren. Daarnaast gaf het aan de reparateurs een perspectief en plaatste hun verhaal in een breder kader. Voor Rosalie is het soms een evenwichtsoefening om te schipperen tussen de dagelijkse praktische vragen van Repair Cafés, het ondersteunen van vrijwilligersgroepen en het campagnematige beleidswerk.

Andere vakgebieden overzien en betrekken

Jamal Belmahi is sociaal-cultureel werker en coördinator van het team ‘recht op wonen’ bij Samenlevingsopbouw Antwerpen. Samen met acht collega’s werkt Jamal aan twee grotere woonprojecten. De focus van zijn team op een complex thema zoals wonen vereist de inbreng van diverse kennisbronnen en invalshoeken. Daarom is het cruciaal dat Jamal en zijn team aansluiting vinden op andere dan de sociaal-culturele vakgebieden. Het beleid beïnvloeden is niet alleen signalen verzamelen en aankaarten bij oplossingsactoren, maar ook zelf innovatieve alternatieven ontwikkelen. “In mijn team waar we woonmodellen ontwikkelen vraagt dat specifieke kennis en competenties die niet alle sociaal cultureel-werkers uit een opleiding mee kregen. Dit kan je wel in een latere fase oplossen door samen te werken met de juiste partners, experten uit andere vakgebieden: architecten, renovatiedeskundigen, financiële experten, juristen… maar bij de start van kleinschalige experimenten vragen we aan opbouwwerkers wel om via vorming extra basiskennis en competenties te verwerven.” Weten welke kennis je extern moet aanspreken en evengoed hoe je de middelen – tijd, ruimte en netwerk – zoekt om deze mensen te vinden is een kerncompetentie voor sociaal-cultureel werkers.

“Het beleid beïnvloeden is niet alleen signalen verzamelen en aankaarten bij oplossingsactoren, maar ook zelf innovatieve alternatieven ontwikkelen. In mijn team waar we woonmodellen ontwikkelen vraagt dat specifieke kennis en competenties die niet alle sociaal cultureel-werkers uit een opleiding mee kregen.”

Zelf deed Jamal, fysicus van opleiding, veel relevante ervaring als sociaal-cultureel werker op door zijn inzet in zelforganisaties in Mechelen, waar hij woont. Een aantal competenties die hij in zijn opleiding fysica verwierf, zoals processen analyseren, komen daarbij goed van pas. Hij ziet ook hoe anderen – vanuit hun specifieke achtergrond – nuttige en unieke competenties binnenbrengen in zijn team. Om diverse en specifieke profielen op elkaar te doen aansluiten zet Jamal in op coaching en intervisie. Wij hebben geen solowerkers. Co-creatie en solidariteit zijn belangrijke principes in ons werk. We leren ook uit interacties met onze doelgroep. Het oppikken van en linken met de vakkundigheid van andere collega’s is cruciaal, maar Jamal benadrukt dat opbouwwerkers evengoed leren van bezoekers en buurtbewoners.

Samenlevingsopbouw betrekt mensen in kwetsbare posities daarom ook in beleidswerk. Hun ervaringsdeskundigheid is belangrijk in het ontwikkelen van een aangepast beleid binnen bijvoorbeeld een sociale huisvestingsmaatschappij, de stad of de Vlaamse overheid. Jamal noemt hen oplossingsactoren, want door te weten hoe hun bevoegdheden worden ingezet en op elkaar inhaken kan zijn team oplossingen ontwikkelen. Naast doelgroepen en overheid zijn er tal van stakeholders, zoals zelforganisaties, die zoeken naar woningen voor vluchtelingen. Dat zijn dan weer partners die sterk aansluiten bij de sociaal-culturele logica. 

Maar bij woonprojecten komt een sterk technisch aspect kijken. Daarvoor moet  Jamal over het sociaal-culturele muurtje kijken. “Bij de start van ons project gingen we heel concreet huizen bezoeken en beoordelen. Het is niet evident voor opbouwwerkers om in te schatten hoeveel tijd en geld je daarin moet investeren. Daarom gingen we op zoek naar een expert in die materie om dat voor ons te doen. We hebben middelen aangetrokken om naast de opbouwwerkers ook een renovatiecoördinator aan te werven. Ondertussen willen we dat woonproject verzelfstandigen. Daarom hebben we een bedrijfsleider aangesproken om fondsen te werven en het project in de volle breedte te coachen en te dirigeren.”

Download

Download het interview met Farida Zaouad (pdf).

Download het interview met Nadia Babazia (pdf).

Download het interview met Stefaan Gunst (pdf).

Download het interview met Rosalie Hees (pdf).

Download het interview met Jamal Belmahi (pdf).


Silke Jaminé

Silke Jaminé

Scroll naar top